Zoeken:

Voor dagelijkse aanbiedingen volgt u ons op twitter en facebook !

Openingstijden & adres

Roelants [voorheen de Oude Mol]

Van Broeckhuysenstraat 34
6511 PJ Nijmegen
Tel: 024-3221734

Ma: 13.00-18.00
Di: 09.30-18.00
Wo: 09.30-18.00
Do: 09.30-18.00
Vr: 09.30-18.00
Za: 09.30-17.00

Roelants [in LUX]

Mariënburg 38-39
6511 PS Nijmegen
Tel: 024-3603429

Elke avond open

Ma: 11.00-20.00
Di: 10.00-20.00
Wo: 10.00-20.00
Do: 10.00-21.00
Vr: 10.00-21.00
Za: 10.00-20.00

E-mail: roelants@roelants.nl



De 'BENEZIT' geen €2635 maar bij ons €299

Een van de belangrijkste kunstencyclopedieën aller tijden is de Franse Dictionnaire des Peintres, Sculpteurs, Dessinateurs et Graveurs Benezit (kortweg ‘Benezit’ ). Deze klassieker is in 2006 uitgebreid en vertaald in het Engels als de Benezit Dictionary of Artists. Veertien volumes, meer dan 20.000 pagina’s en meer dan 170.000 referenties.
In de Benezit vindt u de meest uitgebreide biografische informatie, ook van meer obscure kunstenaars. De laatste voorraad wordt nu verkocht, voor slechts 299 euro. Een koopje: op amazon.de wordt de encyclopedie voor maar liefst 2635 euro aangeboden! We kochten excl 100 sets.

U kunt hier via de webshop bestellen

In de boekenkast van... Annelies

'Toon mij uw boekenkast en ik zeg u wie u bent'. Wat zijn de favoriete boeken van het Roelants-team? U leest het hier.. Deze week: Annelies.

''Deze boeken worden regelmatig verhuisd naar een andere plek in de boekenkast: soms staan ze op ooghoogte samen op een plankje, soms overal door de kast verspreid.. Ik ben namelijk al enige tijd op zoek naar de ideale indeling voor de boekenkast.''

In enigszins (maar niet helemaal) willekeurige volgorde dan:

Delillo – White noise
Tartt – The secret history
Winterson – The stone gods
Winterson – Written on the body
Woolf – The waves
Hall – The raw shark texts
Ishiguro – Never let me go
Auster – Travels in the Scriptorium
James – Turn of the screw
Ionesco – Rhinoceros
Ward – Salvage the bones


Murakami – De opwindvogel-kronieken
Brouwers – Geheime kamers
Mutsaers – Koetsier herfst
Reve – De avonden
Rosenboom – Publieke werken
De Greef – Was alles maar konijnen
Levi – Is dit een mens

Koolhaas - Vanwege een tere huid

Lodeizen – Verzamelde gedichten

Fine – Waarom we allemaal van Mars komen

Goede doelen!


                 

Muziekbulletin

on vrijdag, 23 december 2011. Posted in Muziekbulletin

Al een fikse tijd slik ik tegen dit stukje aan (en het is al bijna Kerstmis!). En dito  draaide ik deze CD: Avenging Angel-Piano Solo van de pianist-componist Graig Taborn.

In de Linda (ergens deze zomer) nota bene  werd over deze CD geschreven ‘eens in zoveel jaren komt er een nieuwe jazzmuzikant die echt een verschil maakt. Zo iemand is de Amerikaanse pianist toetsenist en companist Graig Taborn’. Een paar maanden later -ter gelegenheid van het November Music Meeting- werd diezelfde Taborn in de kolommen van de VPRO-gids de hemel ingeschreven.

Nu is Craig Taborn (1970) niet zo’n nieuwe ster als Linda meent. In de jaren negentig van de vorige eeuw robberde Taborn  immers ruimschoots mee met de zegetocht van de toen nieuwe saxgigant James Carter*.  Druistiger kon toen, dat wat jazz heet, nauwelijks worden opgeschud.

En ook daarna liet Taborn zich ruimluid horen: bij Taborn , die in Detroit opgroeide, valt de appel niet ver van de boom, incluis de technobeat uit die stad van de afgelopen decennia.  Ja juist dus: jazz met laptop op de schoot. Met een van de aardsvaderen van de zgn frie-djesz, Roscoe Mitchell, verkende Taborn de grenzen tussen compo&impro**: waar geluid dus van ruis dus tot volnoot wordt, en omgekeerd.

Met zijn eigen trio***  was hij dito op zoek naar het geheim: waar geluid begint en ophoudt, waar de melodie  kolkt en het ritme slikt. Graig Taborn is namelijk een van die pianisten die –de bloedlijn Cecil Taylor/Monk/Fats Waller indachtig- je nooit doen vergeten dat de piano een hartslag- en werkapparaat is, met 88 trommels voor 2 handen.

Maar tot aan deze CD, die in een adem werd opgenomen,  liet Craig Taborn zich solo nog niet van zich horen. Solo, dus met 2 handen, en 88 drumvellen van ivoor. Geluid zichtbaar maken.

Taborn laat dat horen: hoe geluid door ivoor kan stromen. Ingetogen soms, repetetieve kiezelsteenjes die tot schelfzand worden verregend. Men zou dit –bij eerste luisterpersing- zowaar kamermuziek/minimal music kunnen noemen! Maar daarvoor is deze muziek te weerbarstig.

Want hoe kamertemperatuurderig ook het klankschijnt,  hoezeer Taborn ook de stilte en de studio gebruikt als onderdeel van het geluidzoekverlorenvinden; bij Taborn is het onbedaren nooit ver weg. Zelden klonk het onbedaarlijke zo genuanceerd en geconcentreerd.

Taborn laat dat horen: hoe geluid zich dus laat geboren en gewaren: omnivoor en carnivaal. Vanuit het hart derhalve via de handen naar de oren, reikt zijn muziek uit vele lagen diep.

En na maanden en dito draaien van deze CD wordt het mij, op de vooravond van deze Kerstdagen, zonneklaar. Graig Taborn is niets minder dan een meester: een meester van het ongenuanceerdste beheersbare. Lichtzinnig dus en lichtzinnelijk. Geen wonder dat zelfs ook Linda daarvoor knielt.

Ruud de Quay

*  James Carter - JC on the Set DIW-875 (1993)/Jurassic Classics DIW – 886 (1994)/ Conversing with the Elders Atlantic (1996)
** Roscoe Mitchell/ The Transatlantic Art Ensemble: Composition/Improvisation Nos. 1,2 &3 ECM 1872 (2007)
*** Light made Lighter, Thirsty Ear THE 5711, (oktober 2001), met Chris Lightcap (bas) en Gerald Cleaver (slagwerk)

on dinsdag, 06 december 2011. Posted in Muziekbulletin

Nogmaals nieuws over de Canto Ostinato. Eind deze week komt namelijk de DVD Over Canto van regisseur Ramon Gieling uit. Over Canto is een documentaire over de invloed die het muziekstuk van Simeon ten Holt heeft gehad op de levens van verschillende mensen (o.a. Halina Reijn en Kees Wieringa). De uitkomst van de DVD valt samen met de IDFA-première van de film.

Heeft u deze week de CD van Canto Ostinato, gespeeld door Kees Wieringa en Polo de Haas, nog niet gekocht? Deze plaat is goud.. en zit bij de DVD in de box! Samen kosten DVD en CD slechts €21,95. U kunt dit weekend langskomen, of bestellen in de webshop. We sturen gratis op!

on maandag, 28 november 2011. Posted in Muziekbulletin

Eerder*  (en ook nog wel daarna**) schreef ik op deze plek mijn onvoorwaardelijkste bewondering uit voor Paul MOTIAN.

De slagwerker Paul Motian moest  toen nog 75 worden en was toen al jaren niet meer gezien aan deze kant van de oceaan.

Afgelopen donderdag berichtte De Volkskrant dat Motian twee dagen tevoren was overleden, bijna 80 jaar oud. Geen krachtpatser (inderdaad,) maar een poeet. ‘Van Armeense komaf, een vande grote stilisten’, grondlegger voor het moderne pianotrio met Bill Evans en Scott  Lafaro’. Want/inderdaad: Motian gaf niet het ritme aan met strakke klapjes op de vereiste tel. Motain omschreef het ritme –als een dichter- met de kleur van klank. Bij Motian werd het ritme via geur tot zoiets als geluid. 

Ik zag hem –jaren geleden- twee misschien drie keer spelen. Wat me bijblijft  is dit beeld: onthaast (voordat dat woord bestond)  gezeten –met gleufhoed en breedberande zonnebril- achter het slagwerk.  Onbeweegelijk kwam onder zijn soberste bewegen het geluid vandaan. Je zag en keek –zo besef ik nu pas ongeveer-  hoe dat geboren werd, letterlijk: geluid als kleur, klank als geur. Ritme derhalve dat als schaduw  via de melodie werd geincarneerd. Een liefdesdaad, zo besef ik nu pas, ongeveer, zo’n beetje.

Maar het eigenlijkste wonder was wel –en gelukkig kunnen wij, verdoofde nablijvers,  dat nog steeds horen!- dat Motian met al dat schaduwschrijven altijd zijn mede musici beter liet inlichten. Altijd.

Altijd was Motian niet alleen hen*** maar vooral ook ons, luisteraars daarmee dienaar en bedienaar. Van geluid en (derhalve het besef te)  leven derhalve. En precies daarom was en is Paul Motian altijd een dichter, een van de allergrootsten: als schrijver/ bedrijver van het onzegbaarste onbedaarlijkte geluid kon hij niet anders dan geven, toedelen. Ons luisterlezers–hijgende nablijvers derhalve- vroeg hij slechts om dat te toe te laten, in te nemen  derhalve.

Is dat wellicht het belangrijkste wat Motian ons nalaat****: Paul Motain wist als geen ander dat de hartslag van het geluid en derhalve het leven zich zonder lezers nooit alleen weet.  Zonder dienaar die zich daarom bekommert, valt er immers, naakt beschouwd,  weinig of niks te bedienen (of te leesleven). Zonder bedrijver en/of bedrevene is liefde/leven immers slechts een zelfstandig naamwoord.

Motian bediende zich van het leven en daarmee het geluid (zoals de liefde): een werkwoord. En daarom is Paul Motian,   zoals De Volkskrant kopte, geen patser van de kracht. Het geluid -en daarmee het leven – is pas machtig wanneer  zich dat  bedienen laat: sprekend en bewegend, als een werkwoord.  

Ruud de Quay

* Januari 2007 (Winter&Winter deel 3)
** Ergens laat in 2008 (ECM 40 jaar)
*** Om er een paar te noemen: Bill Frisell&Joe Lovano (trio), Paul Bley, Charlie Haden,, Jason Moran, Marylin Crispell, Bobo Stenson maar ook de blazers van toen en nu (en morgen): Enrico Rava, Chris Speed, Tony Malaby en etc.
**** Die nalatenschap omvat onder andere –recent heruitgegeven- The Complete Remastered Recordings on Black Saint & Soul Note/2010 (6 CD’s voor bijna gratis!). Verder onder meer op ECM –van recenter datum en bepaald stevig geprijsd voor een ceedee- Lost In a Dream (trio, 2009, ECM 2128)  en Live At Birdland (met Lee Konitz en Charlie Haden, december 2009, ECM 2162) plus  een van mijn favorietsten:  ‘Garden of Eden’ (Paul Motain and the Electric BeBop Band, november 2004, ECM 1917)

on maandag, 24 oktober 2011. Posted in Muziekbulletin

Jaren geleden,  het was een waarschijnlijk zonnige herfstzondagmiddag (maar het kan dat ook zomaar een berilde lentemiddag geweest, met een plets vol regen) speelde Ab BAARS  in 0 42 hier ter stede (024) een soloconcert. In een zaal die toen nog blauw heette. Daar  zaten toen welgeteld vier mensen, de kaartverkopers (m/v) inbegrepen, want  ik was de enige betalende toeschouwer. Halverwege de midag  wanjelde ook nog Michiel BRAAM binnen. Die besloot toen maar van de weeromstuit een blokje mee te slopen (want de piano stond er toch al  en ja zo’n decorstuk laat zich niet alleen blauwglimmen!)

Nu zou de menigste musicus van zoveel blauwte zich er snel van af hebben gemaakt. Maar niet Ab BAARS. Onbedaarlijk schroefde hij de tenorsax in stukken en liet daaruit met en via zijn adem wat graanwater pruttelen en reutelen. Stroefwarm.  Even later was ook de clarinet  aan de beurt  om te ontluchten en dus de ruimte te ontschroeven (was Baars een periode daarvoor, zo zei hij,  daarvoor –voor de clarinetschroeverij dus- bij John Carter in de leer geweest*.) de gotspe groteskst, verpakt zonder grootspraak.

Ik waande me  die middag getuige van wat ik toen nog niet precies wist: een leergang en dus levenlang ruimte vullen en verkennen. Met de adem van een onderzoeker die, schokkend kwetsbaar, ondervraagt onderzoekt zonder het antwoord te moeten willen weten.

Dat er anderhalve kop zat in de zaal (de blauwe zaal derhalve), deerde mij toen ruimschoots meer dan Ab BAARS. Die liet zich,  alleen maar door de ruimte en het te vullen geluimte aan te spreken, zich niet zomaar ontstemmen door een gebrek aan getuigen.

Inmiddels -we spreken zoveel opnames** en optredens verder (oa als vast middenrif van het  ICP Orchestra)- , is Ab BAARS  (1. wereldberoemd in het buitenland en 2.) geen spat veranderd. Geen millimeter geweken van de koers die alleen hij zich waren kan. Met de ademlong van het lang zal zich het leven af- en aanvragen, zoekt en schept Ab BAARS zich schrikwetend,  onverstoorbaar,  kwetsbaar verder, ook in de ruimte van mijn weerwarsigste oren.  

Zo  wasemt Ab BAARS zichzelf –intiemst- zichzelf de vraag: Ab BAARS meet zich ons de oneindige tijdigheid. In de geluidsruimte dus van het

Rauw en rouw rafelt zich dat  bij Ab BAARS. De luidspraak van ruimte en tijd is hem altijd zoekend:  de wanzang van de waanhoop tot waanklank en wondsloop. En altijd intiem, want altijd vragend met het hart op de huid. Zo schrijnt Ab Baars zich ons dit voort, altijd zoekend. Zonder het antwoord te hoeven heten.

De CD Time to do my Lions*** is een huiveringwekkend AB-heelal: een van de eerlijkste CD’s  die dit jaar werden uitgebracht. Zelden wordt zoekverloren leven zo hartstoffelijk in kaart gebracht.  Kortom: kopen dus –peeveedee, en snel een bietje- die AB-CD.

Ruud de Quay

 

* Voor een geluidsverslag luistere men Ab Baars Trio, 3900 Carol Count, 1992, GeestGronden 12/ BV HAAST (met mooibloedlijnhoestekening van Lucebert)

** Zoveel, maar in elk geval onder meer: Ab Baars Quartet, Kinda Dukish. Wig 12, 2008 en met het ICP neme men Weer is een dag voorbij, ICP 043 (2005), met een fABelachtig arrangement van oa Ellington´s Perdido.

*** Ab Baars (solo) Time to do my Lions, Wig 17, opnames uit 2008, uitgebracht ergens in 2010.

on vrijdag, 30 september 2011. Posted in Muziekbulletin

Er klinkt muziek in onze oren!

Het is weer bijna oktober, de zomer draait zich nog één keer om op haar weg naar buiten voordat de herfst haar intrede zal doen.
Heel aangenaam. Nog meer aangenaams arriveerde vandaag per post, in dozen. U zat er natuurlijk al een beetje op te wachten want ze zijn er elk jaar weer rond deze tijd:
Aangenaam Klassiek 2011. Dit jaar in een mooi doosje, twee cd's met resp. 17 en 18 nummers en gratis daarbij een extra cd van Lavinia Meijer voor € 10,00
Aangenaam Jazz 2011, twee cd's met 12 nummers en daarbij cadeau een cd van Candy Dulfer voor € 8,-
Aangenaam Soul 2011, twee cd's met resp. 13 en 12 nummers- (Hij swingt de pan uit!) voor € 8,-
Nu we het toch over muziek hebben. De dikke hardcover Rock'n Roll 39-59 is weer binnen gekomen. Flink gevuld met mooie platen en achtergrondinformatie.

Jazz, Soul en Rock 'n Roll zijn nog niet te vinden in onze webshop, maar uiteraard telefonisch of per email te bestellen zonder verzendkosten!

Dus als u er even voor gaat zitten dit weekend bent u in één klap helemaal bij: klassiek bij het opstaan, Jazz tijdens de wekelijks zaterdagmiddagschoonmaak, Soul tijdens het eten koken en zondagmiddag bladert u rustig door de Rock 'n Roll heen.


Fijn weekend alvast!

on donderdag, 29 september 2011. Posted in Muziekbulletin

Aangenaam... Klassiek 2011 is er! De dubbelcd bevat tracks van de vijfentwintig belangrijkste klassieke cd-releases van dit najaar en tien nummers van bestaande klassieke juweeltjes. We hebben de cd in de winkel aanstaan en werden meteen verrast door een prachtige uitvoering van het Laudate Dominum uit de Vesperae Solennes de Confessore door Barbara Schlick.

Het stuk is afkomstig van een cd uit 1995 - zo lees ik nu in het bijgevoegde boekje - met daarop onder meer de Krönungsmesse van Mozart, uitgevoerd door het Amsterdam Baroque Orchestra & Choir o.l.v. Ton Koopman. De registratie behoort nog altijd tot een van de beste opnamen en is nu tijdelijk voor €10,- verkrijgbaar. Ik heb hem nog niet in de kast staan en zal zeker een exemplaar aanschaffen.

Meer tijdelijke aanbiedingen vindt u in het bijgevoegde boekje van Aangenaam... Klassiek. In de box vindt u bovendien een bonus cd van Lavinia Meijer. Op 'Lavinia Meijer speelt Philip Glass' speelt de harpiste een bewerking van Glass' compositie 'Metamorphosis'. Dit in het kader van Philip Glass' 75e verjaardag in januari 2012. (Anouk)

Aangenaam... Klassiek 2011 (2 cd en bonus cd). €10,-

on dinsdag, 27 september 2011. Posted in Muziekbulletin

In diens ‘Ficciones/Fantastische Verhalen’  introduceert  Jorge Luis BORGES  ons, lezers, de schrijver  Pierre Menard, die –naar horen zeggen volgens Borges-  de Quichote heeft herschreven. Hergetaald derhalve. Menard wilde geen tweede Quichote maken, nee , de ambitie van Menard was, aldus  nog steeds Borges, om tenminste enkele  bladzijden te produceren die  woordelijk zouden samenvallen met dé  Quichote, jawel, die  van Miguel de Cervantes. 

Volgens Borges zou Menard dit er van hebben gezegd: “ ik heb mij de mysterieuze plicht op de hals gehaald zijn spontane werk te reconstrueren. Mijn eenzame spel wordt beheerst door twee polaire wetten. De eerste staat mij toe varianten van formele of psychologische aard te beproeven, de tweede verplicht mij deze op te offeren aan de ‘oorspronkelijke’ tekst en die elimininatie sluitend te beredeneren”.

Naar men nalezen kan in de jazzgeschiedenisboeken, speelde Steve LACY  (1934-2004, geboren Steven Lackritz)  reeds als tiener in korte broek sopraansax (Dixieland in NYC en dàt in de jaren 50 van de vorige eeuw! Een anachronisme toen ter tijd (de tijden van BeBop etcetera) dat zich reeds  vijftig jaar later nog maar nauwelijks opmerken laat, maar ook  dat terzijde!). Belangrijker is dat LACY daartoe besloot: Hij sloot een verbond met het universum van Thelonious MONK[i].  (Of andersom? want kort daarop volgde een engagement met de hinnikende inspinner[ii] zelve, van zegge nog geen vier maanden[iii]).

Net als Menard dat beoogde met de Quichote en diens schrijver,  stapte LACY door en over alle chronismes en andere obstakels  heen. Met  dat ene  belangrijke verschil: net als Monk en De Cervantes laat  LACY zich nog steeds beluisteren. Met een geluid dat zich alleen stapvoets zijdezacht zingen laat, nix de auditu derhalve, zoals bij Pierre Menard (of is het tòch Menard die we lezen als we de Quijote openslaan?)

Talloos zijn ons, lezers en luisteraars –gelukkig- nagelaten, zonder tussenkomst van derden, de geluidsopnamen ter bespiegeling en ter  vertering (net als Borges te weerlezen en via hem dus Menard en De Cervantes):  al die opnames [iv] waar Lacy zich,  als de ontegenzeggelijkste intiemste gedachtelezer denkbaar,  de getijden  van Monk’s geluidsbeden betijen en vermeien  laat, totdat het helemaal samensmelt.

Opnames derhalve waar Monk niet wordt overgeschreven of gekopieerd, maar  opnames waar de taal van het jazzheelal samenvalt en zich vervolgens ontvlecht, opnames derhalve  waar de gedachtenmeester zich de gedenktste  leerling volledig weent (en omgekeerd).

Zó, ongeveer, moet het Borges vergaan zijn, bij het opschrijven van het verhaal[v] van zijn vriend Pierre Menard. Zo, ongeveer, verging het mij tenminste, ook onlangs weer: bij het herfluisteren van  Monk via en van LACY[vi].  Beredeneerd en beproevend,  maar vooral levendigst ontroerend ( zoek verloren en dus swingend) . Zò –ongeveer!-  verhief en verweeft ons –mij althans-Steve  LACY ,ooit  geboren Lackrits.

Ruud de Quay



 

[i] met Cecil Taylor (sic!), allereerst: Jazz Advance, 1956, Blue Note B 21Y-8446) en kort nadien onder eigen naam: Steve Lacy plays Monk, 1958, Prestige 8206.

[ii] Een bondiger beschrijving van MONK is mij niet denkbaar, zie hiervoor –dankaar- Lucebert, Verzamelde Gedichten (2004), pag 334

[iii] Bewaard gebleven is het optreden in Philadelphia, 3 maart 1960. RLR Records 88623

[iv] Talloos; dus een zeer beperkte selectie: /Steve Lacy-Roswell Rudd 4-tet: School days, 1963, hat Art CD 61400/ / Only Monk, 1985, Soul Note 1160/Steve Lacy 6-tet: We see, 1992, hat Art CD 6127/ Only Monk, 1985, Soul Note 1160/Steve Lacy & Mal Waldron: at the BIMhuis 1982, Challenge 75249

[v] Voor het hele verhaal in het Nederlands: zie ‘De Aleph en andere verhalen”; Werken  in Vier Delen, deel 1, paginas 122 e.v. Bezige Bij, 1998 (ondanks leeslint is de pleepapier-kwaliteit waarmee De Bezge Bij deze Werken meende te mogen bezorgen ook 13 jaar na dato nog steeds onbegrijpelijk!)

[vi] Live At Dreher, vol 1-2, hatOLOGY, 4-596, 4-CD, Paris, augustus 1981, duo met wederom Mal Waldron; een van de meest tastbare bewijzen dat 1 plus 1 nooit alleen is, laat staan 2.

on zaterdag, 24 september 2011. Posted in Muziekbulletin

Heeft u ze gister zien spelen in Pauw & Witteman? De pianobroers Arthur en Lucas Jussen brengen een tweede CD uit, ditmaal met werk van Schubert. Ze maakten nog maar kort geleden furore met hun eerste CD (met werk van Beethoven) en wonnen de Edison Publieksprijs. Het was mooi om te zien hoe deze 'wonderkinderen' (15 en 18 jaar) over klassieke muziek praatten: aarzelend maar met veel liefde en kennis. De opmerking van de andere P&W gasten dat zij hun muziek misschien moeten combineren met pop om nog beter een jong publiek aan te spreken, lieten zij gelukkig van zich afglijden.


Bent u benieuwd naar de nieuwe CD? Wij in elk geval wel.. Deze week komt de CD bij ons binnen!

Arthur & Lucas Jussen - Schubert. Impromptus, Fantasie, Polonaises (2 CD's) €19,99 (actieprijs)

on dinsdag, 09 augustus 2011. Posted in Muziekbulletin

Ondanks het on-zomerse weer de laatste dagen blijven wij onvermoeibaar vrolijke, zomerse muziek draaien, in de hoop dat de weergoden de hint begrijpen. Ideaal hiervoor zijn de cd's uit de 'Le siècle d'or'-reeks. Elke uitgave is volledig gewijd aan één vertolker of vertolkster van het Franse chanson en bevat twee cd's met het beste van zijn/haar werk. Naast de muziek, die op zichzelf al meer dan de moeite waard is, bevat elke uitgave ook een klein cd-boekje met daarin teksten (in het Engels en in het Frans) over de artiest en zijn/haar werk. Deze, door experts geschreven, teksten zijn een bijzondere toevoeging aan de cd's. De dubbel cd's met het boekje uit de serie 'Le siècle d'or' kosten slechts €14,50 per stuk.

Uit de Le siècle d'or reeks:

Catherine Sauvage - Toi qui disais
Charles Aznavour - Sur ma vie
Félix Leclerc - Moi, mes souliers
Francis Lemarque - A Paris
Jacques Brel - Grand Jacques
Jean Sablon - J'attendrai
Les frères Jacques - L'entrecôte

Andere cd's met Franse chansons

Charles Aznavour - Plus bleu que tes yeux €7,50
Georges Brassens - La chasse aux papillons €7,50
Lola Lafon - Une vie de voleuse €22,50
Romain Didier - De loin on aurait cru des oies €23,00

on zaterdag, 23 juli 2011. Posted in Muziekbulletin, Columns

Zoals wel vaker met  ‘geschiedenis’ gebeurt, neemt de tijd ons graag een loopje. Men vergeet de oorzaak daarvan (->slecht onderwijs  danwel  geheugenverlies of een cocktail daarvan) òf men hokt dat, verkrampt en onmachtig,  in jaargetallen, kanonnen en  canonen, rassen  zelfs,  èn soorten. Geldt dat zeker ook voor jazzmuziek. Die oceaan der oren laat zich niet, al dan niet vergetel, alleen meten in dieptes, daden of platen, laat staan in normaantallen of  omzetstatistieken.

En voordat je het beseft  sta je dan te koekeloeren met je harde schijf van al je wetmatigheden en instrumenten. Nu is dat nooit helemaal verkeerd of zo. Maar ach, beste lezer, met enig fantastiek bewustzijn kan het leven zoveel aardiger zijn, zo veel onvergetelijk feestelijker schateren in de oren.


on dinsdag, 21 juni 2011. Posted in Muziekbulletin

(Over het Waarom van Jazzboeken, muziek lezen zonder noten onder meer)

Men kan die vraag stellen, inderdaad:  Waarom er toch zoveel over jazz woord-en beeldgevangen wordt? (hoor wie dat schrijft!). Moet je dat immers niet allemaal beleven? Toch vooral zelf horen blazen en razen? Of niet soms?  Inderdaad.  Ook over het waarom van jazzboeken kan men hele verhandelingen schrijven.  Neemt  u mij niet kwalijk dat ik ook dat graag overlaat aan de ook daarover terzake kundigen. 


Waar het mij om gaat is dat er soms jazzboeken verschijnen, waarin er, zonder dat er een noot of speld te horen valt, zo messcherp te lezen en te zien valt wat muziek zich allemaal levend  lezen laat,  dat je dàt letterlijk met de mond vol, volledig watertanden laat: Zeker wanneer  zo’n boek zich dan in je handen openvouwt en de fotos zich in je schoot openwaaien.  Ongeacht het jaargetij zijn mij dat  soort momenten pinkstersintels die reeds bij de kerstkrib tintelen.


Instant Composers Pool Orchestra  You have to see it (1)  is zo’n jazzboek.  Door de ogen van fotograaf Ton Mijs, samen met jazzschrijver Kevin Whitehead (2). 


Het  ICP Orkest, zoals dat u van mij weet, is mij dat het  allerbeste wereldorkest der jazz (en omstreken ) van de laatste decennia. Ik kan dat kan nooit scherp en helder genoeg gezegd krijgen. De  verstild gevangen zwart-witbeelden van Ton Mijs echter, zeggen meer over wat en wie het ICP Orchestra  is dan in duizend traktaten. Sterk ingekeerd, heel geconcentreerde beelden. Van een orkest en zijn ledematen in al hun facetten. (en dat zijn er veel). Nauwer en intiemer kan zich een luisteraar niet kijker wezen. Intiemer laat zich zoveel speelplezier nauwelijks vangen.

Maar om nog andere reden is dit boek zo bijzonder. De tekst (3)   van Kevin Whitehead–een bedaard (maar wel in alle bochtenbinnenstverbuitelend  geschreven) essay- vult die vol ingekeerde foto’s , griezelig perfect  aan:  Nauwer laten tekst en beeld zich de muziek van het ICP zich niet condenseren. Zelden werd zo onbedaarlijk  helder duidelijk uitgelegd  wat het geheim is van het ICP. Een osmotisch vat vol levendigste tegenstrijdigheden. 
 

Net zo griezelig nauwgezet als het ICP onbedaarlijk de stilte met noten en zo laat ademen (om het sleetwoord ‘swingen’ te vermijden) tot chaos en omgekeerd, net zo hoopvol en ontroerend, net zo dwarsig en dankbaar, net zo volledig aanwezig derhalve, leest zich dit juweel van een jazzboek (4).


U dus moet dat zien en lezen. Dit is een boek om vast te houden, te willen bezitten.Bestel dat boek derhalve (5). En ga op 1 juli naar het BIMhuis, waar dit boek door het ICP Orchestra  te water zal worden gelaten.


Ruud de Quay


---

(1)  Uitgegeven in eigen beheer (www.tonmijs.nl) maar ongetwijfeld ook via Wouter Roelants te bestellen!
(2)  Kennelijk moet dat zo zijn: dat een Amerikaan –profeet uit het beloofde jazzland- die het hier te lande van de daken moet schreeuwen, hoe geweldig bijzonder ons vaderlandse  ICP Orchestra is.
(3)  Die overigens dit jaar ook nog eens een aangenaam pedant leerstellig werkje het licht deed schijnen: “Why Jazz?, a concise guide to Jazz”. Alleen al de openingsvraag en -antwoord –Why listen to jazz? Because it exists- rechtvaardigt een apart stukje
(4)  En staat Tom Mijs met zijn fotos hiermee regelrecht en overdwars in de traditie van ICP-beeldvangers, ten eerste Pieter Boersma.
(5)  Zie voetnoot i.

on donderdag, 26 mei 2011. Posted in Muziekbulletin, Columns

Billie Holiday. ik hoor u dat al zuchten: aan haar zijn reeds zoveel woorden besteed. Zoveel syllaben vol apegapen. De illusie daaraan nog wat  verstandelijkst  toe te voegen...Inderdaad,  die gedachte laat ik bij voorbaat graag varen.

Billie Holiday heeft immers  bijna net zoveel aanroepnamen als de Heilige Maagd. Zozeer is zij de gehoorde icoon van de jazz en het leven daaraan. Het horen van haar naam doet ook mij immers meteen denken aan (o.a) smijtend het  liefhebben, vollevend en  lijdend, het  volledigst liefhebben levend gesmeten.

on donderdag, 26 mei 2011. Posted in Muziekbulletin

August Klughardt (1847-1902): Nooit eerder hadden wij zijn muziek gehoord.
Een klant van ons (een echte klassieke-muziekliefhebber) roemde zijn 3e symfonie en vioolconcert; en inderdaad wat een verrassende cd! De cd heeft  5 sterren in de vorige Luister. We kochten meteen meer werken van deze Duitse componist.

Wilt U hem ook ontdekken, we hebben nu in huis:

-Vioolconcert, Symphonie no. 3. Dirigent: Golo Berg, viool Mirjam Tschopp. CPO, 21,50

-Piano quintet op. 43, String quintet op.62, Leipziger Streichquartet. MDG, 21.50

En van een tijdgenoot van August Klughardt :  Julius Röntgen, hebben we nu: de prachtige vioolconcerten gespeeld door Liza Ferschtmann, ook een aanrader, 22,50

Iets heel anders maar ook prachtig: De Leidse Koorboeken deel II is net binnen van het Egidius Quartet, 29,95

Natuurlijk hebben we in onze winkel in Lux nog heel veel andere prachtige cd's die U daar kunt beluisteren.

Jolanda en Gieke



on dinsdag, 26 april 2011. Posted in Muziekbulletin, Columns

Jazz en zo (3): CHARLES LLOYD QUARTET  (over grijs en gruiswater,  zilverblazen onder andere dus)

Soms gebeurt dat. Dat je bij het eerste horen slechts wat ruis proeft: een hap zeewater met ergens iets glibberigs. En dat je dan,  een paar slokdagen later, die muziek nogmaals draait, dat nogmaals met je oren eet en dat het dan opeens, speldeprikkend, langzaam begint te dagen.

Iets vergelijkbaars had ik bij het beluisteren van MIRROR, de laatste CD van CHARLES LLOYD (1938 - heden).

Charles Lloyd is zo’n saxofonist die zijn muziek in een leven over meerdere levens slijt. Als Coltrane-adept (en zeg nou zelf! wie werd door die vuurzee niet geaard en/of gehemeld? Wie valt dat kwalijk te nemen?) groefde hij zijn graantje mee in Los Angeles, bij oa de geboorteweeen van wat ze inmiddels noemen rockjazz/jazzrock (contradictio in terminis: alsof er jazz bestaat die niet rokken gaat!).

on dinsdag, 19 april 2011. Posted in Muziekbulletin, Columns

Na de derde maand van het jaar 2011 dat al zeker te weten. Het beste concert van dit jaar al te hebben gezien en zo. Men kan zich over meerdere en minnere dingen onzeker weten! Maar echt;  het is echt waar. Met zoon R waren we daar. De laatste zaterdag van deze winter. In de lichtstad. Beiden een beetje zenuwachtig. Want gingen we het beleven. Estrella Morente horen en zien zingen.

Waar te beginnen om u het voorafgaande enigszins te verduidelijken? De naam alleen al... om te beginnen. Verder ook dit, het valt niet te ontkennen. Estrella Morente (1981- ) is wonderschoon om te zien, dat voorallereerst. (Hebben we dat tenminste gehad)..      
                                                                                                                                               Foto: MaYo